Foto: Ministerie van Defensie / Wikimedia commons

Covid-19 en internationale migratie

PETRA DE JONG, GUSTA WACHTER & RAFAEL COSTA | 2 maart 2021 | DEMOS jaargang 37, nummer 3 - maart 2021
Vergelijking van de migratiecijfers over 2020 met voorgaande jaren laat zien dat de eerste golf van de pandemie van grote invloed is geweest op internationale migratiestromen naar en vanuit Nederland. De impact van de pandemie was relatief sterker voor migratie vanuit Afrika, Azië en Amerika dan voor intra-Europese migratie. Mensen in de werkzame leeftijden met kinderen bleken minder mobiel dan voorgaande jaren; jongvolwassen migranten vertrokken relatief vaak uit Nederland rondom de invoering van strengere maatregelen, en ouderen leken hun migratieplannen vaker uit te stellen.

Na een periode van lokale en relatief milde maatregelen besloot de Nederlandse overheid halverwege maart 2020 tot een strengere lockdown om de verspreiding van het coronavirus te beperken. In het hele land werden scholen, kantoren en horeca gesloten. Ook in andere landen werden in de eerste maanden van 2020 strengere maatregelen getroffen, en werden mogelijkheden om over landsgrenzen te reizen beperkt. Het is te verwachten dat dergelijke ontwikkelingen rondom de wereldwijde pandemie van invloed zijn geweest op internationale migratie. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) publiceerde eerder al migratiecijfers voor de eerste weken en maanden na invoering van de coronamaatregelen in Nederland, waarin een duidelijke afname in het totale aantal immigranten ten opzichte van vorige jaren zichtbaar was. Hoewel deze geaggregeerde cijfers inzicht geven in de algemene effecten van de coronamaatregelen, blijft de vraag bestaan of de pandemie verschillende typen migranten even sterk heeft beïnvloed. Enerzijds zijn de gezondheidsrisico’s van het virus vooral hoog voor ouderen, en kunnen we verminderde internationale mobiliteit onder deze groep verwachten. Anderzijds heeft de sluiting van kantoren, universiteiten en scholen wellicht juist invloed gehad op de migratie van werkenden, studenten of gezinnen met kinderen. De impact van Covid-19 op migratie is dus mogelijk leeftijdsgebonden. Daarnaast kunnen we verwachten dat het beperkte luchtverkeer vooral internationale migratie over grotere afstanden heeft beperkt. Migratie van buiten Europa naar Nederland is daarom wellicht sterker beïnvloed door de pandemie dan intra-Europese migratie. De impact van Covid-19 op migratie verschilt dus mogelijk tussen leeftijd- en herkomstgroepen. Op basis van recente CBS-cijfers (zie kader) proberen wij de invloed van die verschillende krachten in kaart te brengen.

Daling aantal eerste generatie immigranten en emigranten

De afgelopen jaren nam de immigratie naar Nederland jaarlijks toe. In lijn met deze trend lag het aantal eerste generatie migranten naar Nederland in januari en februari 2020 hoger dan de afgelopen tien jaar werd waargenomen. De afname van ruim 19.000 migranten in februari naar minder dan 7.000 migranten in april 2020 (figuur 1a) is daarmee een duidelijke trendbreuk. Figuur 2a laat zien dat de daling relatief sterker was voor migranten uit Afrika, Azië en Amerika in vergelijking met het Europese continent. De Covid-19-reisbeperkingen lijken dus vooral invloed te hebben gehad op migratie over grotere afstanden. In de maanden juni en juli trok de immigratie naar Nederland weer wat aan, maar ook over het derde kwartaal van 2020 bleef het aantal eerste generatie migranten achter ten opzichte van het jaar ervoor.

Figuur 1. Maandelijkse immigratie en emigratie naar en vanuit Nederland in 2018-2020 naar migratieachtergrond, in absolute aantallen
Figuur 2. Gemiddelde procentuele verandering in het aantal migranten van en naar Nederland per kwartaal in 2020 ten opzichte van 2018 en 2019, naar herkomstgroep

In de maanden voor de lockdown (januari, februari en maart) lag het aantal eerste generatie migranten dat Nederland verliet iets hoger dan in de voorgaande jaren (figuur 1b). Dit was het geval voor alle herkomstgroepen (figuur 2b). Deze cijfers geven mogelijk aan dat een deel van de migranten terugkeerde naar hun herkomstland vooruitlopend op de invoering van strengere coronamaatregelen, hoewel de stijging vermoedelijk ook deels het gevolg is van de toegenomen immigratie in 2019. De relatieve toename in het aantal emigranten was met 20 procent het sterkst voor migranten afkomstig uit Amerika, en met minder dan drie procent het zwakst voor Afrikaanse migranten. In het tweede en derde kwartaal lag het aantal eerste generatie migranten dat Nederland verliet juist iets lager dan in 2018-2019 voor alle herkomstgroepen, met uitzondering van Europese migranten in het tweede kwartaal (figuur 2b). De emigratie daalde met ruim 30 procent relatief het sterkst in het tweede kwartaal onder eerste generatie migranten uit Afrika. In figuur 1b is te zien dat het emigratiecijfer vanaf augustus 2020 weer op vergelijkbaar niveau was met dat van 2018 en 2019. Voor eerste generatie migranten lijkt Covid-19 dus met name een kortdurend effect te hebben gehad op vertrek uit Nederland.

Emigratie Nederlanders in jaren niet zo laag

Het aantal Nederlandse immigranten nam in maart 2020 toe (figuur 1c). Dit geeft mogelijk aan dat een deel van de Nederlanders die in het buitenland verbleven ten tijde van de lockdown naar Nederland terugkeerde om daar het verdere verloop van de pandemie af te wachten. In de zomermaanden was net als in voorgaande jaren een piek te zien in het aantal Nederlandse immigranten, maar lagen de absolute aantallen lager dan in 2018 en 2019, mogelijk doordat er in de eerste helft van 2020 minder Nederlanders naar het buitenland zijn vertrokken. De pandemie lijkt daarnaast een sterk en aanhoudend effect te hebben op de emigratie van Nederlanders (figuur 1d). In maart 2020 en de daaropvolgende maanden lag het aantal Nederlandse emigranten beduidend lager dan in het voorgaande jaar. Het laagste aantal werd waargenomen in mei 2020; de afgelopen 25 jaar lag het maandelijkse aantal Nederlandse emigranten niet eerder zo laag. Vanaf mei nam het aantal Nederlandse emigranten niet verder af, maar ook in de zomermaanden juni en juli lag het aantal emigranten voor deze maanden lager dan de afgelopen tien jaar.

Verloop pandemie in drie fasen

De migratiecijfers voor 2020 laten in vergelijking met de voorgaande twee jaren duidelijk zien dat de Covid-19 pandemie van grote invloed is geweest op migratiepatronen van en naar Nederland, maar ook dat de patronen verschillen tussen herkomst- (figuur 2) en leeftijdsgroepen (figuur 3). Samenvattend kunnen we, zowel in het verloop van de pandemie als de gerelateerde veranderingen in migratie, grofweg drie periodes onderscheiden.

Figuur 3. Gemiddelde procentuele verandering in het aantal migranten van en naar Nederland per kwartaal in 2020 ten opzichte van 2018 en 2019, naar leeftijdsgroep en migratieachtergrond

Het eerste kwartaal van 2020 (januari, februari en maart) is de periode voorafgaand aan en kort na de eerste lockdown in Nederland. In deze periode was een lichte toename te zien in het aantal eerste generatie migranten dat uit Nederland vertrok, evenals het aantal Nederlanders dat terugkeerde naar Nederland. Beide patronen suggereren dat een deel van de personen die aan het begin van de pandemie in het buitenland woonden met het ingaan van strengere coronamaatregelen terugkeerde naar hun herkomstland. Voor Nederlanders was deze stijging relatief het grootst onder zestigplussers, en voor eerste generatie emigranten onder adolescenten en jongvolwassenen. Hoewel de data geen inzicht geven in migratiemotieven, lijkt het bij de laatstgenoemde groep te gaan om internationale studenten, die vanwege de coronamaatregelen en digitaal onderwijs minder reden zagen om in Nederland te blijven.

In het tweede kwartaal, als de eerste Covid-19-golf op zijn hevigst is, zijn grofweg vier patronen zichtbaar:

  • De immigratie en emigratie van zowel de eerste generatie als van Nederlanders nam af. De covid-19 pandemie lijkt internationale migratie dus te hebben ontmoedigd, vooral in het tweede kwartaal van 2020.
  • De daling was relatief het sterkst voor intercontinentale migratie. Het aantal Europese migranten naar en vanuit Nederland nam in verhouding minder sterk af ten opzichte van 2019 en 2018.
  • Het aantal eerste generatie migranten van en naar Nederland in het tweede kwartaal daalde relatief het sterkst in de leeftijden tot 15 jaar. Onder buitenlandse migranten lijkt de pandemie dus met name de mobiliteit van gezinnen met kinderen te hebben beperkt. Het betreft hier mogelijk deels verminderde asielmigratie en gezinshereniging door vertragingen in de verblijfsprocedures over deze periode.
  • Het aantal emigranten onder Nederlanders nam relatief het sterkste af voor personen in de werkzame leeftijden (en hun kinderen, gezien ook de afname in de leeftijden 0-15), vermoedelijk in reactie op beperkte mogelijkheden om in het buitenland te werken in tijden van lockdown.

In het derde kwartaal van 2020, toen de eerste pandemiegolf afnam, namen de verschillen in immigratie en emigratie ten opzichte van afgelopen jaren ook af, en leek het coronaeffect weg te ebben. Immigratie uit Afrika en Azië bleef relatief het meest achter ten opzichte van 2018-2019, evenals emigratie van Afrikaanse migranten vanuit Nederland. Opvallend voor deze periode is dat zowel onder eerste generatie migranten als Nederlanders het aantal immigranten en emigranten in leeftijden boven de zestig jaar gelijk bleef of zelfs toenam ten opzichte van 2018-2019, terwijl het aantal migranten in andere leeftijdsgroepen over het algemeen juist lager lag dan het jaar ervoor. Dit patroon suggereert dat zestigplussers hun internationale migratieplannen over de eerste helft van 2020 hebben uitgesteld tot de zomer, toen het aantal coronabesmettingen in Nederland en andere (Europese) landen terugliep. Ouderen vormen een belangrijke risicogroep voor Covid-19, wat mogelijk verklaart waarom juist deze groep hun migratieplannen lijkt te hebben uitgesteld tot een periode waarin het reproductiegetal terugliep. Ouderen zijn daarnaast vermoedelijk meer flexibel in de timing van migratie ten opzichte van arbeidsmigranten of studenten, en hebben daarmee meer mogelijkheden om hun migratieplannen uit te stellen.

Voornaamste bevindingen eerste golf

Wat betreft de eerste golf kunnen we concluderen dat de pandemie met name heeft geleid tot een sterke daling in het aantal eerste generatie migranten dat naar Nederland kwam, en het aantal Nederlandse emigranten dat uit Nederland vertrok. De migratiecijfers geven echter ook aan dat sommige herkomstgroepen in mindere mate beïnvloed worden door de veranderende migratiecontext dan anderen. Vergeleken met migratie uit Amerika, Azië en Afrika nam intra-Europese migratie van en naar Nederland relatief het minst af sinds de eerste lockdown, en keerde het aantal migranten in de zomer van 2020 sneller terug naar het niveau van de jaren ervoor. Ook tussen leeftijdsgroepen zien we verschillen in de impact van de pandemie. Zo vertrokken jongvolwassen migranten relatief vaak uit Nederland voorafgaand aan het ingaan van de strengere maatregelen in maart, en lijken ouderen hun migratieplannen vaker te hebben uitgesteld tot het aantal besmettingen terugliep in de zomer. Personen in de werkzame leeftijden, vooral degenen met kinderen, bleken daarentegen minder mobiel in zowel het tweede als derde kwartaal van 2020. Deze bevindingen suggereren dat de pandemie een groter of langduriger effect heeft op migratie die onderhevig is aan meer restricties of meer planning vergt, zoals migratie over grotere afstanden en migratie in gezinsverband.

Effecten van tweede golf?

Na een periode van relatief weinig nieuwe coronabesmettingen in de zomer nam het reproductiegetal in Nederland opnieuw toe in het laatste kwartaal van 2020. De migratiecijfers voor dit laatste kwartaal, en de eerste maanden van 2021 zullen de invloed van deze tweede golf op internationale migratie van en naar Nederland laten zien. Hoewel we verwachten dat de directe invloed van de pandemie in de toekomst zal afnemen met het aantal besmettingen, is het goed denkbaar dat de pandemie een langduriger effect zal hebben op internationale migratie vanwege grootschalige economische gevolgen. In de huidige cijfers lijkt, met uitzondering van oudere migranten, geen sprake van een inhaalslag in migratie in het derde kwartaal van 2020. Het blijft dus de vraag of de afname in het aantal migranten in 2020 uitstel of afstel van migratie is.

Noot: We danken het CBS, in het bijzonder Saskia te Riele, voor het beschikbaar stellen van de migratiecijfers naar leeftijd en de constructieve feedback op eerdere versies van het artikel.

Petra de Jong, NIDI-KNAW en Rijksuniversiteit Groningen, e-mail: jong@nidi.nl
Gusta Wachter, NIDI-KNAW en Rijksuniversiteit Groningen, e-mail: wachter@nidi.nl
Rafael Costa, NIDI-KNAW en Rijksuniversiteit Groningen, e-mail: costa@nidi.nl

KNAW Logo
Cookie consent
This website makes use of third party cookies for traffic analysis. Privacy statement.