Foto: Charlein Gracia / Unsplash

Kan de overheid het kindertal stimuleren?

HARRY VAN DALEN & KÈNE HENKENS | 30 april 2021 | DEMOS jaargang 37, nummer 4 - april 2021
Zorgen over een laag kindertal leiden bij sommige politici bij tijd en wijle tot de roep om het kindertal te stimuleren, bijvoorbeeld door een babybonus. Is dat effectief gezinsbeleid? Een enquête onder Europese bevolkingsexperts laat zien dat maatregelen die het combineren van werk en gezin vergemakkelijken, zoals gratis kinderopvang, als meest effectief worden gezien.

Het is een regelmatig terugkerend thema in de politieke arena: wat is nu een effectief gezinsbeleid, dat wil zeggen een beleid dat mensen in staat stelt het door hen gewenste kindertal te realiseren? Mannen maar vooral vrouwen kunnen in de knel komen bij de combinatie van werk en zorg voor kinderen. Uit veel onderzoeken blijkt dat vrouwen hun kinderwens uiteindelijk niet realiseren, waarbij vaak geld, woning- en werkomstandigheden als belemmerende factoren worden genoemd. Op gezette tijden keren ook de pleidooien terug in de politiek om het kindertal bewust te stimuleren en belemmeringen waar jonge gezinnen bij de gezinsvorming mee te maken hebben te verminderen. Zo ging in ons land de SGP dit jaar de verkiezingen in met de belofte om de kinderbijslag en het kindgebonden budget te verhogen en bij de geboorte van een vierde kind een gezin 1000 euro extra te geven. Maar ook in het buitenland komen dit soort voorstellen voor een babybonus geregeld terug, van Rusland en Hongarije tot Australië, Spanje en Italië. Maar wat is effectief gezinsbeleid? Wij vroegen een groep van Europese bevolkingswetenschappers hoe zij aankijken tegen de effectiviteit van maatregelen die een overheid kan nemen om het kindertal te stimuleren. De onderstaande figuur maakt in één oogopslag duidelijk welke maatregelen door hen als meest en welke als minst effectief worden gezien.

Rangschikking van effectiviteit van beleidsmaatregelen om krijgen van kinderen te stimuleren volgens Europese bevolkingsexperts (percentages), 2020

Overduidelijk is dat een babybonus in hoge mate als ineffectief wordt beschouwd. En eigenlijk worden andere financiële prikkels of tegemoetkomingen ook met de nodige argwaan door experts bekeken. Zo wordt het belonen van het krijgen van kinderen met extra pensioenrechten – in het recente verleden niet ongewoon in sommige Europese landen – door een kleine minderheid als effectief gezien. Maar ook één jaar doorbetaald ouderschapsverlof wordt niet als heel effectief gezien. Twee soorten maatregelen springen er echter uit en worden als zeer effectief gezien: gratis kinderopvang en meer flexibele werktijden voor ouders. De roep om flexibele werktijden is begrijpelijk omdat deeltijdwerk in de meeste Europese landen ongewoon is. Deze cijfers ondersteunen de gedachte dat een moeilijke en dure combinatie van werk en gezin de grootste belemmering vormt voor ouders bij het realiseren van hun kinderwens. Bonussen voor het krijgen van kinderen worden dus als weinig effectief gezien, hetgeen wordt bevestigd door de cijfers, die geen grote of blijvende effecten laten zien van dit soort maatregelen. Het zou natuurlijk kunnen dat het door ons gekozen babybonusbedrag (5.000 euro) te laag is om als effectief te worden ingeschat. Misschien hadden we het Hongaarse voorbeeld moeten gebruiken. Een Hongaarse vrouw die voor haar veertigste trouwt en nu een lening van 30.000 euro zou opnemen kan op een behoorlijk voordeel rekenen. Zodra haar derde kind wordt geboren, hoeft ze de lening niet terug te betalen en als ze een vierde kind zou krijgen, hoeft ze gedurende haar verdere leven geen inkomstenbelasting te betalen. In dat licht bezien is de SGP-bonus een schijntje, maar wel heel Nederlands.

Harry van Dalen, NIDI-KNAW, Rijksuniversiteit Groningen en Tilburg University, e-mail: dalen@nidi.nl
Kène Henkens, NIDI-KNAW, Rijksuniversiteit Groningen en Universiteit van Amsterdam, e-mail: henkens@nidi.nl

KNAW Logo
Cookie toestemming
Deze website maakt gebruik van cookies van derde partijen voor analyse van dataverkeer. Privacyverklaring.